duif

Hoofdsieraad voor as.....

GOD VERANDERT DE VLOEK TOT ZEGEN

"De Geest des Heren Heren is op mij, omdat de Here mij gezalfd heeft; Hij heeft mij gezonden om een blijde boodschap te brengen aan ootmoedigen, om voor gevangenen vrijlating uit te roepen en voor gebondenen opening der gevangenis; om uit te roepen een jaar van het welbehagen des Heren en een dag der wrake van onzen God; om alle treurenden te troosten, om over de treurenden van Sion te beschikken, dat men hun geve hoofdsieraad in plaats van as, vreugdeolie inplaats van rouw, een lofgewaad inplaats van een kwijnende geest. En men zal hen noemen: terebinten der gerechtigheid, een planting des Heren, tot zijn verheerlijking." (Jesaja 61 : 1-3)


Geschreven door Karel Hoekendijk

home

DE GEZALFDE EN DE ZALVING

Dit gedeelte uit de bijbel las Jezus na Zijn doop, in de synagoge van Nazareth voor. Hij stond aan het begin van Zijn arbeid op aarde, hiertoe door de Vader gezalfd met de Geest. Deze doop of zalving, wat hetzelfde is, beivloedde en karakteriseerde geheel Zijn verdere leven. Welk gedeelte uit het Oude Testament zou geschikter zijn geweest, dan juist dit, dat duidelijk oorzaak en doel van Zijn komst openbaart. Nimmer tevoren toonde iemand zo'n grote dienstbaarheid, en leed meer tegenspoed, als juist Jezus en nimmer heeft iemand volkomener zijn opdracht vervuld. Een bevrijder van gevangenen! Jezus las het gedeelte uit Jesaja voor, rolde het boek weer op en gaf het aan de dienaar van de synagoge.

Toen zei Hij: "Heden is dit schriftwoord voor uwe oren vervuld!" (Lucas 4 : 21). Dan lezen wij, dat de aanwezigen tot elkander met instemming spraken over de woorden van genade, die Jezus gesproken had en zij zeiden "Is dit niet de zoon van Jozef?" Let op, dadelijk al bij Zijn optreden struikelde men over Jezus, omdat Hij van eenvoudige familie was. Wel spraken ze "over de woorden van genade, die van Zijn lippen kwamen", maar ze kenden Jezus te goed als één der hunnen, om in Hem de Messias te zien. De eerste toenadering van God tot de mens was Zijn vleeswording, maar deze is niet de laatste geweest, het is duidelijk dat juist hier de hemel gaat bewegen. In gespannen verwachting zien de mensen in de synagoge toe en dan spreekt Jezus nog eenmaal over de zalving, alsof God Zich uitsluitend hierin wilde openbaren. Wanneer de Almachtige in het vlees Zich zou openbaren, wat voor nut heeft dat voor ons? Hoe zou ik, die stof en as ben, dit voorbeeld kunnen volgen?

Maar als het Gods plan is zich door een Mens in Zijne zalving te openbaren, dan mogen wij hopen. Prijs de Heer, want dit heeft Hij Zich ten doel gesteld: Zich in Christus aan ons te openbaren. Daarom vermaant Paulus de heiligen in Philipp. 2 : 5-8: "Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, die, in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en den mensen gelijk geworden is. En in zijn uiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot den dood, ja, tot den dood des kruises." Zo werd Hij niet slechts onze Redder, maar ook ons voorbeeld.

De overwinning en de heerlijkheid verwierf Hij door Zijn gehoorzaamheid na de zalving, en niet als God maar als mens. Hoewel hij God was, stelde Hij alle goddelijke voorrechten en privileges terzijde en overwon vlees, wereld en duivel, als een mens die door de Heilige Geest was gezalfd. De gelovigen die dit voorbeeld volgen, kunnen vertrouwend op deze grond bouwen. Immers, wij zijn ook mensen en wanneer wij zien dat Gods h eerlijkheid en macht zich door dez3 zalving openbaart, mogen wij ons hier ook naar uitstrekken en hierin delen. Niet alleen Jezus, ook wij. Hoe wonderlijk dit ook klinken moge, deze doop met de Heilige Geest is ook het erfdeel van Gods kinderen.

In 1 Joh. 2 : 20- 27 staat: "Gij echter hebt een zalving van den Heilige en gij weet dat allen. Ik heb u niet geschreven, omdat gij de waarheid niet weet, maar omdat gij haar weet en omdat geen leugen uit de waarheid is. Wie is de leugenaar dan wie loochent, dat Jezus de Christus is? Dit is de antichrist, die den Vader en den Zoon loochent. Een ieder, die den Zoon loochent, heeft ook den Vader niet. Wie den Zoon belijdt, heeft ook den Vader. Wat u betreft, wat gij van den beginne gehoord hebt, moet in u blijven. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, dan zult gij ook in den Zoon en in den Vader blijven. En dit is de belofte, die Hij zelf ons beloofd heeft: het eeuwige leven. Dit heb ik u geschreven over hen, die u misleiden. En wat u betreft, de zalving, die gij van Hem ontvangen hebt, blijft op u, en gij hebt niet van node, dat iemand u lere, maar, gelijk zijn zalving u leert over alle dingen, en waarachtig is en geen leugen, blijft in Hem, gelijk zij u geleerd heeft."

De heilige olie is uitgegoten op "het Hoofd", maar volgens het O.T. loopt deze olie in Aärons baard, en dan tot op de zoom van zijn kleed, "het is als dauw van den Hermon, die neerdaalt op de bergen van Sion. Want daar gebiedt de Heer den zegen, leven tot in eeuwigheid." (Psalm 133). In Hebr. 1 : 9 staat: "Daarom heeft U, 0 God, uw God met vreugdeolie gezalfd boven uw deelgenoten". Maar wij hebben door en in Hem deel aan Zijn zalving. Het Boek is wederom geopend, na vele eeuwen zal de Zoon Zich openbaren in vele zonen, en het laatste deel zal ook worden geopenbaard.

Het kruis overwint

Het moge vreemd klinken dat God tegelijk spreekt van:
welbehagen en wraak,
troost en treurnis,
hoofdsieraad en as,
vreugdeolie en rouw,
lofgewaad en kwijnende geest.

Wanneer ons dit ongewoon klinkt, komt dit omdat wij christenen tot nu toe de heerlijkheid niet hebben ontdekt in de schaduw van het kruis. Wel wordt er veel over het kruis gesproken, maar meer over de betekenis van Christus kruis dan over de onze. Hieruit blijkt dat het Licht over het
verborgen doel van ons kruis ons niet duidelijk voor ogen staat en dat wij de geweldige overwinning niet kennen, die er voor ons ligt in het bukken onder het kruis.

Het is moeilijk voor ons te begrijpen dat wij overwinnen wanneer wij bezwijken en dat wij door onze verdeemoediging worden verhoogd, dat wij bewijzen burgers van Jezus' Rijk te zijn als wij ons gewillig voegen naar Zijn plan. Het is goed te roemen in het kruis. Gal. 6 : 14 zegt: "Maar ik moge er voor bewaard blijven te roemen anders dan in het kruis van onzen Here Jezus Christus, door wien de wereld mij gekruisigd is en ik der wereld".
Dankbaar hebben wij aanvaard, dat Jezus ons door Zijn dood verlost heeft van de zonde en het oordeel, maar toch is dit slechts de helft van wat ons is toegezegd. Onze Heer zegt zelf: Wie Mij
volgen wil, neme zijn kruis op, en de apostel Johannes bevestigt dit als hij zegt: 1 Joh. 3 : 16: "Ook wij behoren dan voor de broeders ons leven in te zetten".
De voltooiïng van Jezus' Kruis ligt dus nog voor ons en is nabij. Dit betekent dat het gericht dat God in het uur van Jezus kruisdood over vlees, wereld en duivel uitsprak, niet langer verwachting blijft, maar waarheid wordt.

Naar aanleiding van het kruis zegt Jezus, nu gaat het gericht over de wereld, nu wordt de vorst der wereld uitgebannen. Het Hoofd heeft heerlijk getriomfeerd, maar ook voor Zijn lichaam is een troon der heerlijkheid bereid. Om deze troon te verwerven, moet het Lichaam op gelijke wijze door het Kruis tot de Kroon, door de nederlaag tot de overwinning komen. De leerling is niet meer dan zijn Meester, maar in de voleinding zal hij de Meester gelijk zijn.

Geheime machten
In verborgenheid werken tegelijkertijd twee grote geheime machten in de wereld; de geheime macht van de boosaardigheid en de geheime macht van Gods Koninkrijk. In het eerste vervult satan door de antichrist zijn plan van destructie en het andere is dit: Gods plannen worden vervuld, als Hij door Zijn geest in Christus werkt.

Christus openbaart zich in Zijn geestelijke bediening, de duivel in zijn duisternis. Er bestaat een Geest der waarheId en een geest van leugen. De Geest der waarheid verkondigt Christus' komst in het vlees, maar de geest van leugen ontkent dit. Waarom? Omdat Christus vleeswording zijn uiteindelijke vernietiging zal brengen op grondvan Jezus' zalving. Iedere geest, die Jezus niet belijdt, is niet uit God (1 Joh; 4 : .3J : Zij zijn uit de wereld, daarom spreken zij uit de wereld. Maar Christus is in u. Die in de wereld is, is de antichrist.

Toen Jezus op aar.de rondging, was de geest van de antichrist reeds op aarde en verzette zich tegen alles wat Jezus deed, tot hij Hem aan het kruis had gehangen . En nog altijd voert hij heerschappij, nu Christus weer spreekt in de gemeenten waar de sprekers de Heilige Geest hebben ontvangen.
Satan haat niets meer dan Jezus' vleeswording, omdat dit glorierijke feit zijn ondergang betekent. "Want er zijn vele misleiders uitgegaan in de wereld, die de komst van Jezus Christus in het vlees niet belijden. Dit is de misleider en de antichrist". (2 Joh. 7). We gaan nu na waarom wij in
deze strIjd aan de ZIjde van de overwinnaar staan.

Achitofel - Judas - Antichrist

Christus heeft enige jaren intiem met Zijne jongeren samengeleefd. Hij heeft hen onderwezen, met hen gebeden en is met hen te rade gegaan.
Het uur der kruisiging, waarin Hij verraden zou worden, naderde. Dit zou niet gebeuren door Farizeeërs en Schriftgeleerden, maar door een Zijner jongeren. HIerdoor is het kruis zo tastbaar, zowel voor het Hoofd, als voor de leden. Ook David werd door zijn beste vriend en raadgever verraden.

ARCHITOFEL vertegenwoordigde voor David het woord door God gesproken en m de moeilijkste uren van Davids leven richtte Achitofel al zijn wijsheid en raad op de vernietiging van David. Maar David was door God gezalfd en hij bad: Heer, doe Gij Achitofels raad te niet!, en God veranderde de
bedoelde vloek in een zegen, want juist door het plan dat Davids ondergang zou bewerken, werden zijn vijanden ten onder gebracht. Absalom werd gedood en Achitofel doodde zichzelf.

JUDAS deed hetzelfde, hij was van hetzelfde type als Achitofel. Juist de intieme verhouding waarin de discipelen en Jezus verkeerden, maakte zijn verraad zo treffend. Ook Jezus zei: "Hij, die mijn brood eet, heeft zijn hiel tegen Mij opgeheven". (Joh. 13 : 18).
Ook hierin staan Achitofel en Judas gelijk, maar Judas, die "een zoon des verderfs" wordt genoemd, is het treffend voorbeeld van de

ANTICHRIST, die met dezelfde naam wordt aangeduid. Achitofel, de verrader, was een raadsman van David; Judas, was een der apostelen.
En ook Antichrist komt uit de kring der vromen. Gezien de voorbeelden van Achitofel en Judas weten wij, dat de Antichrist ook zichzelf ten gronde zal richten. En hoewel zijn verraad aan de gemeente der heiligen hen aanvankelijk een nederlaag zal lijken, zal deze tenslotte een grote zegen uitwerken. Ten heden dage is de Islam een van de grootste antichristelijke religie. zo heeft Alberto Rivera - en ex-Jezuiet - verklaard dat de Roomskatholieke kerk vele, vele eeuwen geleden de islam had gesticht en niet Mohammed? Bijna niemand weet het. De Islam loochend de zoon van God, omdat volgens hen God nooit een zoon kan hebben. Zie deze link een cartoon over het ontstaan van de Islam


Het zwaard van Goliath

Toen de jonge David in het legerkamp van Israël kwam, hoorde hij hoe ieder Goliath vreesde. Hij bood aan tegen deze te strijden. Alleen een gezalfde kan zo moedig spreken. U kent de geschiedenis. David had alleen zijn slinger en een paar stenen, hoe kon hij zich meten met de gevreesde vijand? In de Schrift staat: "Niet door kracht noch door geweld maar door Mijn Geest! zegt de Here der heerscharen" (Zach. 4 .. : 6). De Heer verlangt alleen trouw van Zijn gezalfden; dan wendt Hij voor ons de strijd ten goede, en ten kwade tegenover onze aanvallers. David trof de reus met een steen aan de slaap, waarop deze ter aarde VieI. Toen trok Davld Goliaths zwaard uit de schede en sloeg hem het hoofd af. En het zwaard dat Israël zou verslaan, doodde Zijn eigenaar. Ook in later jaren bediende David zich van Goliaths zwaard, toen de tijd gekomen was om het koninkrijk
op te richten.

Kind van God, wordt niet moedeloos, als de gave van de Geest die God u toevertrouwde, schijnbaar onbenut is. Als Wij onze Heer trouw zijn zullen wij in het uur des verraads niet vrezen; ook voor
ons heeft God, 'evenals voor David, een Koninkrijk. Als Sauls koninkrijk verzwakt is de tijd aangebroken dat hij voor David moet wijken, en Davids koningschap was de doodsteek voor Israëls vijanden. Dit was hoofdsieraad voor as.

Jonathans grote overwinning

Gedurende de regering van Saul, was er een tijd dat geheel Israël onder de druk van de Filistijnen stond. Saul was naar de ordonnatie van God tot koning gezalfd, maar gedroeg zich niet als een man Gods, zoals David.
Hij kwam door de wens van het volk op de troon. Door God gezalfd, maar toch niet in staat het volk van Israël de volledige overwinning te bezorgen en de vijandelijke Amelekieten te verslaan. Hij spaarde Agag, hij spaarde de beste ossen en schapen en alles wat naar zijn mening goed was. Hij was een man die niet aan een volledige overwinning over alle vijanden des Heren geloofde. Maar Samuel en God dachten anders en wisten beter en daarom werd Saul het koningschap ontnomen. Saul kon op deze wijze Israël niet tot de overwinning leiden en zo kunnen ook de leiders van de kerken heden niet het Israël van God tot overwinning leiden. Evenals de Israëlieten te dien dage is nu het christendom ongewapend.
Toen hadden alleen Saul en Jonathan wapens, de vijand had het volk de wapens ontnomen, door zijn slapte. Jonathan was uitzondering, evenals Noacn en Elia, ook ten tijde van Abraham en Gideon.

Uit de Babylonische ballingschap keerden slechts weinigen terug, uit Israël zullen slechts weinigen uitverkoren en door God gebruikt worden voor Zijn werk. Toen Saul onder een granaatappelboom rustte, ontving Jonathan van God een teken ten aanval. Verstandelijk is het niet te begrijpen hoe
twee mannen de moed hebben tegen een overmacht te strijden. Zo schijnt het velen in onze dagen aanmatigend, wanneer een klein aantal gelovigen verklaart dat God alle legers van satan zal overwinnen en over de antichrist zal triomferen, en vlees, wereld en duivel onder Zijn voeten vertreden. Maar de Heer, die de harten kent, zal Zijn uitverkorenen niet teleurstellen. Geloof wordt nooit te schande gemaakt. Onkundig aan Sauls vloek: "Vervloekt is de man, die spijs eet voor de
avond" (1 Sam. 14 : 24), steekt Jonathan een stok in een honingraat, proeft hiervan, "en zijn ogen stonden weer helder" (vrs 27).

Waarom is Saul nu zo woedend op Jonathan en waarom moet deze sterven? Hij spreekt: "Voorwaar, gij moet zeker sterven, Jonathan" (1 Sam. 14 : 44)
Al Gods openbaringen tot dusver zullen blijken gering te zijn, in vergelijking met die welke gaan komen. Omdat wij nog te zeer aan het vlees gebonden zijn, zouden wij ze nu nog niet kunnen verstaan. Alles wat wij tot dusver genoten, was slechts een weinig honing aan de punt van een stok, en daarover was reeds vreugde in ons hart. Vreugde voor leed.

Haman - Mordechai - Esther

In dit drama wordt ons het beeld getekend van Gods plan in onze tijd en wij zouden er goed aan doen het boek Esther te lezen en te beluisteren wat God heden in de gemeente doet en te beseffen dat ook wij hierin vermaand worden. De geschiedenis is overbekend. Haman was een zeer
invloedrijk man in het Perzische rijk en ieder moest voor hem buigen. Maar sommige joden, en in de eerste plaats Mordechai, deden dit niet. Daarom vroeg Haman de Koning verlof alle joden uit te moorden en hun vermogen verbeurd te verklaren.

De toestand scheen hopeloos voor de joden, maar ook nu veranderde God de vloek in zegen. Doordat Esther, de koningin, haar leven waagde om haar volk te redden werd Haman aan de paal gehangen, die hij voor Mordechai liet oprichten. In deze geschiedenis ziet men duidelijk hoe God Zijn plan volvoert. Een slapeloze nacht waarin de koning tot de ontdekking komt dat men hem naar het leven had gestaan. Mordechai redt het leven van de koning. Nu zal men vergelding
doen. Esther nodigt de koning en Mordechai ten maaltijd en Hamans lot wordt bezegeld. Hij zal worden opgehangen maar God laat dit niet toe en een nieuw gezegeld decreet van de koning redt de joden.

Hoofdsieraad voor as en lofgewaad voor een kwijnende geest. "Want dit zijn de dagen van vergelding, waarin alles wat geschreven is, in vervulling gaat" (Luc. 21 : 22). Sidderen wij voor de dag des oordeels? Wij hebben hiertoe zeker reden. Maar wanneer wij getrouw zijn in tijden van beproeving, zal de dag der wrake voor ons een zegen worden. God heeft voor Zijn kinderen een volheid bestemd, waarvan wij ons geen voorstelling kunnen maken. Nog beheerst satan de lucht en tot God klimmen de klachten van Zijn kinderen. Satan klaagde Job aan, hij klaagde Petrus aan, maar telkens werd de vloek in zegen veranderd, en de tijd komt dat "de aanklager der broeders" uitgeworpen zal worden, dan zullen de verklaagde broeders de leeggeworden troon bestijgen.

Gideons kleine schare

Gideons strijd tekent duidelijk de uiteindelijke overwinning der heiligen aan het einde der dagen. Als Gideon met 32.000 man ten strijde wil trekken, zegt God: Gij hebt te veel mannen! Nu werden 22.000 mannen achtergelaten en weer zegt God: Gij hebt te veel mannen! God heeft een klein
goed gedisciplineerd leger nodig, beproefde dienaren, die de satan de doodsteek kunnen geven en weer worden de meesten teruggezonden. Slechts driehonderd man worden door God waardig bevonden de overwinning voor Israël te veroveren. Hun bewapening is niet zo belangrijk, zij bestaat uit een bazuin, een kruik en een fakkel.

De bazuin spreekt van dienst des Woords, de verkondiging des heUs. Toen Johannes de bazuin hoorde blazen was het de stem van Christus, Dezelfde die ons thans weer roept. De dag der bazuin is aangebroken en nadrukkelijk worden wij tot hernieuwde verkondiging van de woorden Gods geroepen. Nu moeten de heiligen op de bres staan, de bazuin spreekt door profetieën en in nieuwe
tongen, door het evangelie. Zo klinkt de bazuin en we hebben verder een aarden kruik met een fakkel vuurs er in. Paulus zegt: wij dragen deze schat in aarden vaten. Ook wij zijn slechts aarden vaten, maar onze heerlijkheid bestaat hierin dat Christus in ons woont met Zijn Geest.

Dat pinkstervuur in ons brandt. Levend vuur van de Heilige Geest. Wij moeten getrouw zijn en de ons gegeven diensten vervullen, met overwinningsvuur des Geestes. Wij verwachten het verbreken der vaten, wij moeten ons overgeven in de dood, onszelf vernietigen en dan komt de volle glorie en glans van Gods Geest openbaar. Ook voor ons komt een Gethsémané met het kruis en het afsterven van ons vlees. Maar dan zal de overwinning komen op Golgotha, op het uur der ondergang.

Dan zal uit de as van een kleinmoedig en ziek christendom een nieuwe gemeente herrijzen, zonder vlek of rimpel. Opnieuw zal God geven: hoofdsieraad voor as en de heerlijkheid des Heren zal openbaar worden, als de kruiken breken. Nog eenmaal zullen de aanvallen van satan hem zelf ten val brengen. De bazuinen klinken, de kruiken breken, de fakkels worden omhoog geheven en van de lippen der 300 uitverkorenen klinkt het: Hier is het zwaard van de Heer en van Gideon! Geestelijke wapens dragen wij. Weten wij dat voldoende? Gij wordt gewogen en beproefd. Aan welke zijde staan wij, van de Heer en van Gideon of van de grote tegenstander?